Home » Blog » Grenzen » Grenzen aangeven bij autisme: mijn persoonlijk verhaal
Rustige zee met horizon als symbool voor grenzen aangeven, zelfzorg, energie bewaken en leven met autisme.

Grenzen aangeven bij autisme: mijn persoonlijk verhaal

door Miranda Schoot | 14 jun, 2026 | Grenzen

arenlang vond ik het moeilijk om grenzen aan te geven. Ik zei vaak ja terwijl ik eigenlijk nee bedoelde. Pas later ontdekte ik hoeveel energie het kost om steeds over mijn eigen grenzen heen te gaan.

Grenzen aangeven klinkt vaak eenvoudiger dan het is.

Door de jaren heen heb ik ontdekt dat er voor mij eigenlijk drie soorten grenzen zijn:

  • Iemand gaat over mijn grens.
  • Ik ga over iemands grens.
  • Ik ga over mijn eigen grens.

Vooral die laatste blijft voor mij een leerproces.

In deze blog deel ik mijn persoonlijke ervaringen met grenzen aangeven, autisme, zelfzorg en het bewaken van mijn energie.

1. Iemand gaat over mijn grens

Een paar jaar geleden vond ik het ontzettend moeilijk om mijn grenzen aan te geven. Zowel thuis als op mijn werk zei ik bijna overal ja op.

Toen ik nog in loondienst werkte, vond ik mijn werk geweldig. Als collega's hulp vroegen, zei ik direct ja. Wanneer mensen luid praatten of gesprekken voerden die mij afleidden, zei ik daar niets van. Ik dacht dan: "Ik maak zelf ook wel eens een praatje, dus wie ben ik om er iets van te zeggen?"

Ook hield ik mijn gevoelens vaak voor mezelf. Als iemand vroeg hoe het met mij ging, antwoordde ik standaard: "Goed." Of dat nu waar was of niet.

Kwetsbaar zijn vond ik moeilijk.

Thuis gebeurde eigenlijk hetzelfde. Ik hield rekening met de behoeften van mijn man en zoon, maar vergat daarbij mezelf. Ik had geleerd om voor anderen te zorgen. Pas later ontdekte ik dat je pas goed voor anderen kunt zorgen als je ook goed voor jezelf zorgt.

Ik zei regelmatig ja terwijl ik eigenlijk nee bedoelde.

Bij verjaardagen bleef ik langer dan goed voor me was. Als iemand onverwacht langskwam terwijl ik geen energie had, ging ik toch mee in wat de ander wilde. Ik was vooral bezig met wat anderen van mij zouden denken.

Hoe dichter iemand bij mij stond, hoe moeilijker ik het vond om mijn grens aan te geven. Bij familie of dierbaren voelde nee zeggen soms alsof ik hen afwees.

Achteraf weet ik dat dat niet zo is.

Nee zeggen tegen een verzoek betekent niet nee zeggen tegen een persoon.

Het gevolg van voortdurend over mijn eigen behoeften heen stappen was stress, overbelasting, frustratie en uiteindelijk het verliezen van mezelf.

Tegenwoordig lukt het mij beter om mijn grenzen aan te geven. Niet altijd, maar wel vaker. Ik heb geleerd dat mijn behoeften net zo belangrijk zijn als die van een ander.

Soms hoor ik nog wel eens:

"Miranda, je bent veranderd."

Maar eigenlijk ben ik niet veranderd.

Ik laat simpelweg meer van mezelf zien.

2. Ik ga over iemands grens

Dit is voor mij meestal niet zo ingewikkeld.

Als iemand nee zegt, respecteer ik dat. Ik zal niet aandringen.

Wel heb ik geleerd dat niet iedereen zijn grens duidelijk uitspreekt. Zeker bij autisme vind ik het soms lastig om non-verbale signalen op te merken. Daarom waardeer ik het als mensen eerlijk en duidelijk zijn over wat ze wel of niet willen.

Duidelijkheid voorkomt veel misverstanden.

3. Over mijn eigen grens gaan

Dit blijft de moeilijkste grens.

Tegenwoordig begint grenzen bewaken voor mij niet meer bij nee zeggen, maar bij het herkennen van signalen.

Een voller hoofd.
Moeite met schakelen.
Sneller geïrriteerd raken.
Meer behoefte aan rust.
Minder energie voor sociale contacten.

Dat zijn vaak de eerste signalen dat ik mijn grens nader.

Vroeger merkte ik dat meestal pas als ik er al ruim overheen was.

Tegenwoordig probeer ik deze signalen eerder serieus te nemen. In mijn blog Als het tegenzit schrijf ik ook over hoe kleine signalen soms aangeven dat je eigenlijk al te lang over je grens bent gegaan.

Door mijn enthousiasme ga ik nog steeds regelmatig over mijn eigen grens heen. Ik vind workshops, lezingen, trainingen en gastlessen ontzettend leuk om te geven. Daardoor is het verleidelijk om meer in te plannen dan goed voor mij is.

Dat enthousiasme is een mooie eigenschap, maar kan ook een valkuil zijn. Daar schreef ik eerder over in Doorzettingsvermogen: een kwaliteit maar ook een valkuil.

Het verschil met vroeger is dat ik tegenwoordig niet alleen naar mijn agenda kijk, maar ook naar mijn energie.

Heb ik die dag tijd?

En minstens zo belangrijk:

Heb ik die week voldoende ruimte om te herstellen?

Ik weet inmiddels dat herstel geen luxe is, maar een noodzaak. Na een workshop of lezing heb ik tijd nodig om op te laden. Plan ik die tijd niet in, dan betaal ik daar later vaak de prijs voor.

Ook probeer ik niet te veel verschillende activiteiten op één dag te plannen. Veel schakelen kost mij energie. Daarom houd ik mijn dagen zo overzichtelijk mogelijk.

Daarnaast heb ik geleerd dat grenzen niet alleen gaan over tijd en energie.

Grenzen kunnen ook gaan over persoonlijke ruimte, aanraking of de hoeveelheid prikkels die je op een dag verwerkt. Daar vertel ik meer over in mijn blog Autisme en aanraking.

Ze gaan ook over verwachtingen, onduidelijkheid en voorspelbaarheid.

Vooral onduidelijkheid kost mij vaak veel energie. Wat voor anderen een klein detail lijkt, kan voor mij het verschil maken tussen rust en stress. Daar schreef ik eerder over in Onduidelijkheid: klein voor de buitenwereld, allesbepalend voor mij.

Wat voor een ander prima werkt, hoeft niet automatisch ook voor mij te werken.

Dat is oké.

Grenzen aangeven is zelfzorg

Vroeger dacht ik dat grenzen aangeven egoïstisch was.

Nu zie ik het anders.

Grenzen aangeven is een vorm van zelfzorg.

Het helpt mij om mijn energie te bewaken, beter voor mezelf te zorgen en bewuster keuzes te maken. Daardoor houd ik meer ruimte over voor de mensen en activiteiten die voor mij belangrijk zijn.

Lukt dat altijd?

Nee.

Ook nu ga ik nog regelmatig over mijn eigen grens heen.

Maar ik herken het sneller dan vroeger en stuur eerder bij.

Dat heeft er ook mee te maken dat mijn comfortzone kleiner is geworden. Vroeger vond ik dat lastig om te accepteren, maar tegenwoordig zie ik het meer als een vorm van zelfkennis. Daar vertel ik meer over in Mijn comfortzone is klein. En dat is oké.

En misschien is dat wel waar grenzen aangeven uiteindelijk om draait:

Niet perfect worden.

Maar steeds beter leren luisteren naar jezelf.

Over Miranda

Ik ben Miranda Schoot, autisme coach met eigen ervaring. Met mijn groepsaanbod help ik mensen met autisme én hun omgeving meer inzicht, rust en balans te vinden.

Ik woon in St. Annaparochie, ben 51 jaar en moeder van een zoon van 20 jaar. Sinds 2013 weet ik dat ik zelf autisme heb; mijn zoon kreeg die diagnose in 2010.

Autisme kan grillig zijn. Ik heb zelf ervaren hoe zwaar het kan voelen – van overprikkeling, vermoeidheid en chaos tot depressie en burn-out. Maar ik ontdekte ook dat het anders kan. Door stap voor stap te werken aan meer overzicht, rust en houvast, kreeg ik meer energie en ruimte voor mezelf, mijn gezin, werk en studie.

Die ontwikkeling gun ik anderen ook. Daarom deel ik mijn kennis en ervaring via workshops, lezingen en trainingen. Mijn doel is om praktische handvatten te bieden, herkenning te creëren en het bewustzijn over autisme te vergroten.

Niet alleen mensen met autisme zijn welkom. Ook ouders, partners, collega’s, leraren en (zorg)professionals kunnen deelnemen aan mijn groepsactiviteiten.

Mijn missie is helder: mensen met autisme én hun omgeving helpen van overleven naar leven.

Ik begeleid alleen nog mijn huidige klanten in lopende 1-op-1 trajecten. Mijn focus ligt op mijn groepsaanbod: workshops, trainingen en lezingen.

Gerelateerde artikelen

Ik wil wel, maar mijn lichaam zegt nee

Ik wil wel, maar mijn lichaam zegt nee

n dit persoonlijke blog deel ik hoe autisme invloed heeft op mijn energie en belastbaarheid. Soms wil ik graag doorgaan, maar geeft mijn lichaam duidelijk aan dat het teveel wordt. Ik schrijf over overprikkeling, luisteren naar grenzen, omgaan met vermoeidheid en het leren kiezen voor rust, ook als dat lastig blijft.

lees meer...
Hoe mijn comfortzone kleiner werd na mijn diagnose

Hoe mijn comfortzone kleiner werd na mijn diagnose

oordat ik wist dat ik autisme had, was mijn wereld groot en vol zelfvertrouwen. Maar na mijn diagnose werd mijn comfortzone heel klein. In dit blog vertel ik eerlijk hoe ik mijn veilige omgeving herontdekte, hoe ik langzaam stappen zet buiten die zone, en hoe werk en privé daarin heel verschillend voelen. Herkenbaar voor wie leeft met autisme – of iemand kent die dat doet.

lees meer...

0 Reacties

Tweet
Share
Share
Pin